inleiding

  • In jouw groep komt op een dag een nieuw meisje: Shirley. Ze komt helemaal uit Australië en is met haar ouders naar Nederland geëmigreerd. 

 

  • Een stel kinderen krijgen van de leerkracht de opdracht om het meisje (dat natuurlijk alleen maar Engels spreekt) maar eens vlug wat Nederlandse woorden bij te leren.

 

  • Je moet dat doen met behulp van sprookjes die iedereen wel kent, ook in Australië. Werken met sprookjes is best makkelijk want je kent immers de Nederlandse versie.

 

  • Maar hoe gaat het sprookje in het Engels en welke woorden zou je uit het sprookje gebruiken om Shirley wat Nederlandse woorden te leren.

 


 


Volgende
Start
meer webkwesties zijn te vinden op:

Heb je op- of aanmerkingen ter verbetering van deze webkwestie?
Zijn er internetlinks die niet werken?
Geeft het even door. Klik daarvoor hier.